Kinderpsychiater Binu Singh: “Pasgeboren baby’s en hun mama’s zijn eigenlijk niet gemaakt voor al dat kraambezoek”

Rien de Mey
kraamtijd

“Minder overprikkelde baby’s en rustigere mama’s”. Kinderpsychiater Binu Singh (UZ Leuven) ziet er de voordelen wel van in, van zo’n kleine, intieme kraambubbel. Zowel voor de pasgeboren baby, als z’n pasgeboren ouders. “De coronamaatregelen zijn een ideaal excuus om eindelijk onder al die sociale verplichtingen uit te komen”, zegt ze. Ze breekt een lans voor een rustigere kraamtijd. Ook in de toekomst.

Je baby krijgen in volle coronatijd? “Zoals altijd,” klinkt het bij Binu Singh, kinderpsychiater in het UZ Leuven, “heeft een medaille twee kanten”. Gaat ze af op haar eigen patiënten, op wat ze van de materniteiten te horen krijgt en wat ze diep vanbinnen zelf al vermoedde, dan laat de kinderpsychiater – aan de ene kant – zelfs het woord ‘zegen’ vallen. “Weet je, in onze samenleving is het gangbaar dat je, nog maar nét bevallen, al meteen een heleboel mensen aan je kraambed krijgt. Leuk dat je je geluk kan delen, natuurlijk. Maar eigenlijk zijn zowel mama als baby daar op dat moment neurobiologisch én psychologisch niet voor gemaakt. Ze hebben tijd nodig om te bekomen van een immense overgang. Zelfs wanneer alles goed is verlopen, is een geboorte een stressvolle gebeurtenis. Ging het moeilijk, dan was het misschien zelfs traumatisch voor moeder of baby. Hoe dan ook: op het kraambed is het niet bepaald helpend om alle ogen op jou gericht te hebben. Om bezig te moeten zijn met anderen, terwijl je eigenlijk gewoon onverdeelde aandacht aan je baby en kroost wil schenken. Om niet te kunnen rusten of om een voeding uit te stellen tot het bezoek z’n cava op heeft.”

BOMBARDEMENT AAN PRIKKELS

De nood om rustig aan haar kindje te wennen, om het te besnuffelen en te leren kennen en dicht bij zich te houden, is een gevoel dat heel wat moeders vast wel herkennen. Een ander gevoel waar ze ongetwijfeld vertrouwd mee zijn, is dat van de sociale druk. Beide emoties kunnen, vaker wel dan niet, best tegenstrijdig zijn. Een mama raakt ook vaak (over)vermoeid van al die bezoekjes. En dan is er ook nog de partner, én de baby zelf uiteraard. Binu: “Net uit de baarmoeder, met hun nog maagdelijke zintuigen, krijgen baby’s een bombardement aan prikkels over zich heen. Beeld je die overgang eens in. En dan de papa, die zich nu, voor een keer, niet hoeft te bekommeren om aperitiefhapjes en champagne, maar gewoon kan genieten van zijn kroostje. In de plaats van mama en baby die alleen in het kraambed liggen, kan hij er nu bij. Het is fijn voor baby én ouders om op hun eigen tempo, zonder nog maar een procent van een ‘moetje’ of sociale verplichting, de ruimte te krijgen om écht van elkaar te genieten. Eindelijk heb je als prille ouder een sociaal aanvaard excuus om te zeggen: doei buitenwereld, laat ons nu maar even met rust.”

WAAR IS DE VILLAGE?

Is die rustigere kraamtijd dan een stukje ‘nieuw normaal’ dat gerust zou mogen blijven plakken, post-corona? Zodat het kraambed weer ingericht kan worden zoals het oorspronkelijk bedoeld was? Binu: “In India – ik ben van Indische oorsprong – vieren we ‘de veertig dagen van geborgenheid’. Het is een traditie waarbij de pas bevallen vrouw voor de volle veertig dagen met rust wordt gelaten. Ze is de koningin van het kraambed. Opdat ze het leven dat ze heeft gebaard, kan verzorgen, lief kan hebben en kan voeden, wordt ze volop ondersteund door haar moeder, vriendinnen en tantes. Pas na veertig dagen stelt de vader het kindje voor aan de maatschappij. Dan wordt de naam bekend gemaakt en dan pas starten de bezoeken.” 

Helaas, pindakaas. Wie in onze contreien bevalt, kan enkel dromen van veertig zulke hemelse dagen met kraamkoninginnen-status. Maar een beetje hulp? Dat lukt in gewone tijden heus nog wel. Al vindt Binu de ondersteuning die wij onze pas bevallen moeders bieden, toch behoorlijk beperkt. En door de coronacrisis, zegt ze, wordt dat probleem enkel uitvergroot. Binu: “Op amper twee à drie generaties tijd, zijn de jonge gezinnen hier de ‘village’ rondom hen kwijtgeraakt. Gezinnen zijn kleine ‘kerncelletjes’ geworden, die ergens, als ooievaars in een hoog, klein nestje zo goed mogelijk hun plan proberen te trekken. Maar mensen zijn eigenlijk helemaal geen ooievaars op eenzame hoogten, het zijn kuddedieren. En jonge mama’s missen hun village, zeker in het prille begin.” 

HET VIERDE TRIMESTER

“De eerste drie maanden na de geboorte kan je het ‘vierde trimester van de zwangerschap’ noemen, een heel kwetsbare periode voor een moeder en haar baby”, zegt Binu. “De baby leeft nu niet meer in, maar op haar buik. Hij heeft nog geen dag- en nachtritme, de voedingen lopen dag en nacht door, hij kan zichzelf nog niet tot rust brengen en heeft voor alles zijn mama dichtbij nodig. Dat is heftig en zwaar voor ouders, maar het is net alsof dat niet luidop gezegd mag worden. Want die baby is heel schattig. Tuurlijk. Maar dat hij je om de zoveel uur uit je slaap haalt, is iets minder schattig hé?”

Kies je bubbelpartners wijselijk. Denk goed na: aan wie durf je écht te vragen wat je nodig hebt, en wie zal je dat ook daadwerkelijk geven? Wie zal er écht voor je zorgen? Kies nu niet vanuit sociale verplichtingen.

Binu Singh, kinderpsychiater

“Zo omstreeks zes weken komt dan de piek van huilen en krampjes. De tsunami aan bezoek is gaan liggen, de vroedvrouw of kraamhulp komt in veel gevallen al niet meer langs, vriendinnen zijn aan het werk en de partner is uit huis. Je zou je voor minder alleen voelen. En op het internet lees je dan ook nog eens allerlei adviezen die elkaar tegenspreken. Om maar te zeggen: het was al ontzettend pittig voor prille moeders, maar het béétje sociale contact dat er nog was, valt nu ook weg, door de kleinschaligheid van de kraambubbel. Dat is de keerzijde van de medaille. En daarbovenop worden we voortdurend bestookt met informatie die angstverhogend is. Dat helpt ouders en baby’s in deze kwetsbare periode natuurlijk ook niet.”

“VOOR BABY’S IS DAT HETZELFDE, MAAR DAN MAAL HONDERD”

Wat dan wél kan helpen? Gezinnen die een heel beperkte ‘village’ rondom zich hebben, worden best wat langer ondersteund door kraamhulp en vroedvrouw. “Durf aan te geven bij je arts dat je die hulp en begeleiding nodig hebt. En nu de bubbels al wat groter mogen: kies je bubbelpartners wijselijk. Denk goed na: aan wie durf je écht te vragen wat je nodig hebt, en wie zal je dat ook daadwerkelijk geven? Wie zal er écht voor je zorgen? Kies nu niet vanuit sociale verplichtingen voor iemand die jou net méér belasting zal brengen. Het idee ‘blije mama, blije baby’ komt heus niet uit de lucht gevallen. Als jij gestrest bent, is je baby dat ook.” 

Hoe dan? “Wel, een pasgeboren baby leeft symbiotisch: dat wil zeggen dat hij geen onderscheid maakt tussen zichzelf en de andere. Is zijn mama verdrietig of stressy, dan is hij dat ook. Hij kan niet zeggen: “ah, maar het is mijn mama die verdrietig is, niet ik”, want hij is één met haar. Als je partner thuis rondloopt met een rothumeur, probeer dan zelf maar eens vrolijk te blijven. Wel, voor baby’s is dat hetzelfde, maar dan maal honderd. Ze resoneren heel erg met wat er rondom hen gebeurt.”

ZORG VOOR HAAR ALSOF ZE NOG ZWANGER IS

“Daarom is mijn advies voor de partners: wil je goed voor je kindje zorgen? Blijf dan tijdens dat vierde trimester net zo goed voor je vrouw zorgen als toen ze nog zwanger was. Als de mama zich niet lekker voelt, zal de baby minder goed drinken of slapen, minder troostbaar zijn, wat meer last van krampjes hebben. Waardoor de mama op haar beurt nog meer stress ervaart. Vandaar het belang van rust en hulp. Die hulp kan er trouwens ook prima op afstand zijn, hé. Bel eens een vriendin op. Die ene met het luisterende oor, die niét oordeelt en je geen tips zal willen geven. Die gewoon zegt: hier ben ik, vertel het maar en zeg wat ik voor je kan doen. Vertel over je onzekerheden, deel hoe je je echt voelt, dat haalt je stressniveau al meteen omlaag. Ventileren helpt altijd: ook al is er aan de situatie an sich eigenlijk (nog) niets veranderd, je voelt je opgelucht, waardoor je alles beter aankunt.”

Scroll To Top